CAO BEROEPSGOEDERENVERVOER 2012 PDFCAO BEROEPSGOEDERENVERVOER 2012 PDF

16 Vacaturegraad beroepsgoederenvervoer over de weg in logistiek dienstverleners. .. CAO-uurloon wegvervoer. 1e kw. procent. Vervoer en opslag is inclusief beroepsgoederenvervoer over de weg. (adres) (postcode, plaats)..(plaats),.. Geachte heer/mevrouw., Hierbij verzoek ik u conform Artikel 26, lid 2h van de cao Beroepsgoederenvervoer. Related Forms – Naam Kostenplaats Adres; Cao Beroepsgoederenvervoer over de weg – geschoonde uitdraai – fnv: Cao Beroepsgoederen vervoer over.

Author: Kazralkis Meshakar
Country: Central African Republic
Language: English (Spanish)
Genre: Health and Food
Published (Last): 13 October 2006
Pages: 43
PDF File Size: 19.56 Mb
ePub File Size: 8.30 Mb
ISBN: 962-1-71491-586-5
Downloads: 88209
Price: Free* [*Free Regsitration Required]
Uploader: Negrel

Hiertoe moet de verwijzende rechter vanwege de aard van de arbeid in de sector van het internationale transport, als aan de orde in het hoofdgeding, zoals de advocaat-generaal beroepsgoedeerenvervoer de punten 93 tot en met 96 van haar conclusie heeft gesuggereerd, rekening houden met alle elementen die de werkzaamheid van de werknemer kenmerken. FNV verbindt daaraan een veroordeling van [appellante] om zich na het vonnis ervan te vergewissen dat de hier bedoelde chauffeurs overeenkomstig die bepalingen door [Transport PL] worden beloond.

Voorts bepaalt dit lid beroepsgoederfnvervoer deze beeoepsgoederenvervoer aanknopingscriteria niet van toepassing zijn wanneer uit het geheel der omstandigheden blijkt dat de arbeidsovereenkomst nauwer is verbonden met een ander land, in welk geval het recht van dat andere land toepasselijk is.

Wanneer aldus op de rechtsverhouding tussen [Transport] NL en haar Poolse chauffeurs Nederlands recht van toepassing is, dan ligt daarin weer besloten dat ook de algemeen verbindend verklaarde CAO, als behorende tot de Nederlandse rechtsregels, in beginsel op deze arbeidsverhoudingen van toepassing is.

Uitspraken

beroepsgoederenvdrvoer Aangezien de doelstelling van artikel 6 van het verdrag van Rome van een passende bescherming van de werknemer is, volgt daaruit dat deze bepaling moet worden opgevat als een waarborg dat eerder het recht van de staat waarin hij beroepsgoederevervoer beroepswerkzaamheden verricht, van toepassing is dan dat van de staat van de zetel van de werkgever.

Een dergelijke vordering kan uiteraard in beginsel alleen worden ingesteld tegen de werkgever die de bepalingen van die algemeen verbindend verklaarde CAO niet naleeft met betrekking tot de eigen werknemers lees: Ongeacht artikel 4 wordt de arbeidsovereenkomst, bij gebreke van een rechtskeuze overeenkomstig artikel 3, beheerst door: Ook in [vestigingsplaats] is de staking uitgebroken, die alleen met [Transport] NL en niet met enige Pools bedrijf is uitgevochten.

Het is bovendien helemaal 20112 duidelijk dat de betreffende chauffeurs minder verdienen dan waar zij op grond van de Nederlandse regelgeving aanspraak kunnen maken.

Naar het oordeel van het hof moet in dit geval worden aangenomen dat naast de rechtskeuze voor Pools recht en de sociale binding met Polen van de chauffeurs verder geen of nauwelijks een relatie bestaat met Polen als beroepsgoederenvervoe gaat om de feitelijk verrichte 22012 in het kader van deze arbeidsovereenkomst. Voor zover het op een individuele arbeidsovereenkomst toepasselijke recht niet door de partijen is gekozen, wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar of, bij gebreke daarvan, van waaruit de werknemer ter uitvoering van de overeenkomst gewoonlijk zijn arbeid verricht.

  2N5064 DATASHEET PDF

Immers niet kan worden gezegd berospsgoederenvervoer de betrokken chauffeurs onder deze omstandigheden gewoonlijk in Polen werkzaam zijn en daarnaar toe zullen terugkeren om hun “gewone” beroepsgoederenvdrvoer te hervatten. Daaraan doet niet af dat een aantal Poolse werknemers, dat destijds was gedetacheerd door [Transport PL] bij [appellante], middels de als productie 2 bij memorie van grieven overgelegde verklaringen te kennen heeft gegeven zich niet met deze procedure te kunnen verenigen.

Artikel 1 van de WAGA luidt als volgt: Wellicht ten overvloede merkt het beroepsgoeferenvervoer daarbij op dat een dergelijke verklaring voor recht uiteraard slechts de thans procederende partijen kan binden. Hij moet tevens nagaan in welke plaatsen het vervoer hoofdzakelijk wordt verricht, in welke plaatsen de goederen worden gelost en naar welke plaats de werknemer na zijn opdrachten terugkeert. Link gekopieerd naar het klembord. Voor die laatste situatie is in de stellingen van partijen geen aanknopingspunt te vinden.

BP, waarin de positie van een internationaal chauffeur aan de orde was in een situatie waarin eveneens een rechtskeuze was gemaakt. De uitzonderingen genoemd in artikel 1 onder B de bedrijfstak-cao of bedrijven die bouwwerkzaamheden uitoefenen is niet van toepassing. Strafzaak Wilders Geert Wilders is door de rechtbank Den Beroepdgoederenvervoer veroordeeld voor groepsbelediging en aanzetten tot discriminatie. Een volgende vraag ziet dan op de kwestie of in dit concrete geval – en te beoordelen in het kader van de door FNV aan [appellante] verweten onrechtmatige gedragingen – beroepdgoederenvervoer en ondanks de uitdrukkelijke rechtskeuze voor Pools recht enige bepalingen van Nederlands recht van toepassing zijn op de rechtsverhouding tussen de betreffende Poolse chauffeurs en hun werkgever [Transport PL].

Door de inzet van onze software kunnen zij hun bedrijfsprocessen beter beheersen! Dat is kennelijk ook niet de bedoeling van de uitleenconstructie tussen [appellante] enerzijds en [Transport PL] anderzijds. Blijf op de hoogte rss email.

De gevorderde verklaring voor recht ziet echter tevens op de periode s dat de betreffende cao niet algemeen verbindend is verklaard en heeft dan kennelijk uitsluitend betrekking op andere dwingende bepalingen uit het Nederlandse arbeidsrecht. Naar het oordeel van het hof betekent dit dat artikel 2 lid 6 Wet AVV de beperktheid van de werkingssfeerbepaling voor zover deze uitsluitend betrekking heeft op in Nederland gevestigde werkgevers gezien de ratio en strekking van de Detacheringsrichtlijn opzij zet.

De in grief 10 door [appellante] genoemde omstandigheid dat er geen Nederlandse chauffeurs meer te vinden zouden zijn die dit werk zouden willen doen en er dus van verdringing geen sprake is vormt – daargelaten de juistheid van de stelling – uiteraard geen reden om een afwijking van de dwingende regelgeving op dit gebied te kunnen rechtvaardigen.

Indien het toepasselijke recht niet overeenkomstig lid 2 kan worden vastgesteld, wordt de overeenkomst beheerst door het recht van het land waar zich de vestiging bevindt die de werknemer in dienst heeft genomen.

Gezien de datum van de inleidende dagvaarding en de behandeling in eerste aanleg gaat het daarbij voorshands in ieder geval om de periode 25 april tot 1 januari Strct77 Het hof merkt daarbij allereerst op dat de betreffende Poolse chauffeurs kennelijk in december bij [appellante] zijn vertrokken, terwijl niet duidelijk is of zij nadien nog zijn ingezet.

  DOLINA NICOSCI PDF

Zij verbindt daaraan een soortgelijke veroordeling als onder het primaire breoepsgoederenvervoer gevorderd alsmede een in hoogte gelijke schadevergoeding. Deze keuze mag er evenwel niet toe leiden dat de werknemer de bescherming verliest welke hij geniet op grond van bepalingen waarvan niet bij overeenkomst kan worden afgeweken op grond van het recht dat overeenkomstig de leden 2, 3 en 4 van dit artikel toepasselijk zou zijn geweest bij gebreke van een rechtskeuze.

Die bepaling in de betreffende CAO artikel 2 lid 1 onder a luidt aldus: Daarmee faalt echter grief 5. Daartoe wordt als volgt overwogen. De rest van het beroepen vonnis kan in stand blijven zij het met verbetering van gronden.

Het betreft immers beroepsgoederenvrvoer uitzendrelatie.

ECLI:NL:GHSHECA, voorheen LJN CA, Gerechtshof 's-Hertogenbosch, HD

De Poolse werknemers krijgen hier hun instructies en staan hier onder gezag van [Transport] NL. De kantonrechter overweegt beroepsgoederenvervosr dit niet het geval is nu het hier een buitenlandse uitzendonderneming betreft die beroepsyoederenvervoer gelet op de identiteit van de bestuurder — niet anders dan op de hoogte moet zijn van de hier te lande geldende regelgeving.

Partijen hebben daarna de gedingstukken overgelegd en uitspraak gevraagd. Daarmee is Nederland het land waar de arbeidsovereenkomsten dermate nauw mee verbonden zijn, dat de in Nederland geldende dwingende bepalingen respectievelijk voorrangsregels van toepassing zijn. Voor zover het oordeel van de kantonrechter anders dient te cqo verstaan is dat oordeel onjuist. Voor zover de kantonrechter zich de vraag heeft gesteld of op de rechtsverhouding tussen de betreffende Poolse chauffeurs en [appellante] bepalingen van Nederlands recht van toepassing zijn, is die vraag in het licht van het debat tussen partijen niet aan de orde.

Immers, door de Poolse chauffeurs op basis heroepsgoederenvervoer een lager loon te laten werken, kunnen Nederlandse chauffeurs daardoor hun baan verliezen. De grief slaagt niet. Het Hof van Justitie van de Europese Unie overwoog onder meer het volgende. Een aantal Poolse werknemers heeft, blijkens de overgelegde verklaringen, er inmiddels ook blijk van gegeven niet met een procedure in te stemmen.

Het staat [appellante] vrij om bij natuurlijk verloop onder haar Nederlandse chauffeurs welke buitenlandse werknemer dan ook via een arbeidsovereenkomst of via een inleen daarvoor in de plaats te stellen.

Voorts is de verkeerde rechtspersoon gedagvaard, nu er slechts een juridische relatie bestaat tussen de Poolse chauffeurs en [Transport PL]. Het hof merkt daarbij nog wel het volgende op.

In beropesgoederenvervoer beroep kan immers ingevolge artikel Rv niet voor het eerst een zelfstandige vordering worden ingesteld.